De gemeente en zorg: een hele zorg

Gemeenten krijgen een steeds grotere rol in de zorg. Eerst door middel van de WMO en sinds een paar jaar ook door middel van de hele jeugdzorg. Van preventie tot specialistische jeugd GGZ. Ik heb een groot deel van mijn werkzame leven in gemeenteland doorgebracht. En ik heb op dit moment een tijd vretende hobby als raadslid in de gemeente Meierijstad. Ik denk dat ik wel een paar tips kan geven aan zorgverleners zodat ze iets beter gaan snappen hoe het werkt bij gemeenten.

  1. Alles bij gemeenten is politiek. Uiteindelijk kunnen alle wethouders en daarmee ook alle ambtenaren op ieder moment door een gemeenteraad ter verantwoording geroepen worden. Iedereen in een gemeentehuis houdt daar ook rekening mee en dus gaat het niet zozeer om het nut van beleid, maar vooral om de verantwoording ervan. Je moet altijd kunnen uitleggen wat er bereikt wordt. En dan niet op basis van objectieve criteria en feiten, maar op basis van het gevoel van vertrouwen dat een gemeenteraad heeft in een wethouder.
     
  2. Het primaire vertrekpunt van een gemeente is het maatschappelijk effect van iets. Het gaat dus niet zozeer om goede zorg, maar vooral dat er geen gedonder komt, er geen hangjongeren zijn, de openbare orde en veiligheid niet verstoord wordt en vooral dat burgers niet gaan zeuren en afrekenen in het stemhokje. Opportunisme en populisme zijn altijd dichtbij. Denken in zorg past de gemeente nog niet. Daarin moeten ze nog oefenen. Het woord psycholoog, orthopedagogisch, therapeutisch, evidence-based, diagnostisch en dergelijke zijn woorden die binnen een gemeentehuis niet gebezigd worden.
     
  3. Je weet bij een gemeente nooit met wie je zaken doet. Een wethouder kan je niets toe zeggen. Een burgemeester al helemaal niet. Een ambtenaar wel, maar je moet  je afvragen of die wel goed heeft kortgesloten met de verantwoordelijk portefeuillehouder. Bovendien werken gemeenten veel samen in regionale verbanden, waardoor het alleen maar nog onduidelijker wordt wie nou waar over gaat.
     
  4. Omdat de gemeente dicht bij burgers staat, is er een onbedwingbare neiging om alles zo simpel mogelijk te maken. Als minister Schippers al ooit zei dat je geen psychologen nodig hebt, want dat kan de buurvrouw ook, dan doen gemeenten daar nog een schepje bovenop door te zeggen dat vrijwilligers ook best kunnen indiceren en bij mensen thuis op bezoek kunnen gaan.
     
  5. Geen enkele gemeente is hetzelfde dus het is in iedere gemeente anders. Gemeenten variëren in omvang tussen de 5000 en 1 miljoen inwoners. Er zijn 388  gemeenten en die verschillen enorm qua deskundigheid, politieke inkleuring van beleid, kwaliteit van bestuurders en gemeenteraden, interesse en beschikbaar geld. En laten we niet vergeten, ze verschillen enorm qua problematiek. Ik zeg maar: Schiermonnikoog is echt anders dan Amsterdam.

​De overheveling van de jeugd GGZ naar gemeenten is een onverstandig besluit geweest van de rijksoverheid. Het creëert verschillen in de zorg voor onze meest kwetsbare jongeren. Gelukkig komt er een toezichtsorgaan op de jeugdzorg. Maar dat is een reparatie voor een structurele fout. Daar zullen we het in de zorg voorlopig mee moeten doen. Misschien als alle zorgverleners een aangepaste Acceptance and Commitment Therapy volgen kunnen ze er mee omgaan. En vooral goed blijven oefenen.

De volgende keer nog 5 tips.


Marrik van Rozendaal
Directeur RINO Zuid