Aantekening ‘expertise ouderen’ leidt tot meer bewustzijn en gerichte behandeling voor ouderen

Begin dit jaar ontving Sylvia Heijnen-Kohl, werkzaam bij Mondriaan Ouderen, als eerste in Nederland haar getuigschrift ‘klinisch psycholoog’ met de aantekening ‘expertise ouderen’. Behalve een gelukkige Sylvia, zorgde dit ook voor gepaste trots bij Bas van Alphen, professor klinische ouderenpsychologie aan de Vrije Universiteit Brussel, die zich, samen met Rosalien Wilting, manager GGzE circuit Ouderenpsychiatrie, en Noud Engelen, directeur Mondriaan Ouderen al een aantal jaren hard maakt voor de ouderenpsychologie.

Volwassenen vs. ouderen
Bas van Alphen: “Binnen de opleiding tot klinisch psycholoog was weinig aandacht voor ouderen. En dat terwijl we toch te maken hebben met een dubbele vergrijzing, waarmee ik bedoel dat er meer ouderen zijn én dat deze ouderen alsmaar ouder worden. Samen met Marrik van Rozendaal (Directeur RINO-Zuid), Marlies Overdijk, manager RINO-Zuid, en in samenspraak met professor Ger Keijzers, hoofdopleider KP-opleiding RINO-Zuid, besloten we daarom een Invitational Conference te organiseren. Onder leiding van emeritus hoogleraar Cees van der Staak, voorvechter van onder meer postacademisch onderwijs voor psychologen, hebben we hier een aantal zaken ter sprake gebracht en getoetst. Zoals: Wat maakt diagnostiek en behandeling bij ouderen nu wezenlijk anders dan bij volwassenen? Hoe manifesteert psychopathologie zich op oudere leeftijd? Is psychotherapie bij ouderen wel zinvol en hoe motiveren we een ouder iemand hiervoor? Wat zijn speciale aandachtsterreinen voor psychologen in de ouderenzorg? Denk hierbij aan deskundigheid op het gebied van somatische en cognitieve co-morbiditeit of polyfarmacie. Al deze issues resulteerde in een stevig en constructief debat met, zoals we ondertussen weten, een veelbelovende uitkomst.”

Betere communicatie
De interactie tussen somatische ziekten en medicijngebruik is een bekend thema bij ouderen met ernstige psychiatrische aandoeningen, zo bleek ook tijdens de Invitational Conference. Hoe gaan we daar als psychologen qua signalering mee om? Bas van Alphen: “Dit vraagt om meer expertise van de psycholoog dan dat deze standaard heeft. Door op te leiden met een aantekening ‘expertise ouderen’ is een ouderenpsycholoog in staat om op hetzelfde specialistenlevel te communiceren als een ouderenpsychiater. Vanzelfsprekend met verschillende aandachtsgebieden, maar met als opbrengst een betere en complementaire samenwerking.” 

Meer bewustzijn
Natuurlijk hebben we het over een aantekening en geen officiële superspecialisatie of subspecialisme, maar het is een eerste stap. Bas van Alphen: “Nu is het alleen nog mogelijk om de aantekening bij RINO Zuid te behalen. Wanneer andere hoofdopleiders volgen denk ik dat dit nog meer bewustzijn op gang zal brengen om verder te specialiseren in de ouderenpsychologie. En daarmee zal ook de deskundigheid van ouderenpsychologen binnen de GGZ én verpleeghuizen verder toenemen. Want ook bij deze tweede groep zijn ouderenpsychologen werkzaam en is verdere verdieping zinvol. Denk bijvoorbeeld aan voortgezette psychodiagnostiek, cognitieve gedragstherapie, EMDR en mediatherapie.”

Extra boost
In tegenstelling tot de psychologie biedt de psychiatrie wel al een subspecialisme op het gebied van ouderen. Bas van Alphen: “Dit heeft echt een boost gegeven aan de deskundigheid en daarmee ook aan de profilering van Nederlandse ouderenpsychiaters. De ouderenpsychologen in Nederland zouden zich meer moeten bundelen en veel zich beter mogen profileren. Een extra reden dus om ook de ouderenpsychologie een boost te geven, waarbij de KP-aantekening ‘expertise ouderen’ een goed begin is.”

10 jaar later
Zoals gezegd is de eerste stap gezet, maar hoe zou de situatie er over 10 jaar uitzien? Bas van Alphen: “Ik denk hierbij aan een aantal aspecten. Om te beginnen zal het duidelijker zijn dat ouderen profijt hebben van inzichtgevende psychotherapie, afgestemd op hun levensfase. Ook denk ik dat het aanbod van, en daarmee ook de vraag naar, deze behandelingen behoorlijk toegenomen zal zijn. De indicatiestelling voor behandeling zal meer gestandaardiseerd plaatsvinden met onder andere meer gevalideerde vragenlijsten, gebaseerd op evidence based onderzoek. En er zal meer bekend zijn over persoonlijke factoren die van invloed kunnen zijn op bijvoorbeeld de behandelprognose van ouderen. Ook hoop ik dat er veel meer erkenning zal zijn voor de ouderenpsychologie binnen het academisch onderwijs. Dat het thema ‘ouderen’ een wezenlijk onderdeel vormt binnen de beroepsopleiding tot gezondheidszorgpsycholoog en tot subspecialisme kan leiden in de opleiding tot klinisch psycholoog. Maar bovenal, dat het stigma, “aan ouderen valt weinig eer meer te behalen” doorbroken zal zijn.”